Logo’s

Nu ik een logo ergens voor moet laten ontwerpen, zie ik ineens overal logo’s opduiken. Eerder zag ik die dingen amper. Net zoals ik sinds mijn vriendinnen zwanger zijn ineens overal zwangere vrouwen zie. Dat wordt nog druk op die crèches volgend jaar, denk ik dan bijna. En net zoals er vroeger, voordat ik een hond had, in mijn buurt geen honden leken te wonen. Alleen poep.

Zo zijn er vast meer aspecten waarop je de wereld zou kunnen filteren. Ik vind logo’s wel leuk voor een tijdje, maar ben vooral benieuwd wat hierna komt.

Twaalf katten

Dat ik het gevoel heb dat er geen eind zit aan de hoeveelheid katten die ik zou willen. Dat ik merk dat mijn omgeving mij normaal en zelfs wel sympathiek vind als ik zeg dat ik van katten hou en er twee heb, maar zodra ik dan zeg dat ik er het liefst twaalf zou willen verandert hun blik ineens. ‘Oh, ben jij zo iemand?’, lijken ze dan te denken. En dan zeg ik nog twaalf om ze niet aan het schrikken te maken.

Evolutie

Dat David van Boer zoekt Vrouw zei dat zeugen het fijn vinden om in een heel klein hok te zitten, omdat ze anders hun biggetjes pletten. Dat ik ineens besefte dat hij dit waarschijnlijk echt is gaan denken, dat hij serieus gelooft dat de varkens graag van hun leefruimte worden beroofd.

Dat het zo mooi zou zijn als dat waar was, als de dieren in de bio-industrie zich echt konden schikken naar hun omstandigheden. Dat ze gelaten mee-evolueren met hun lot. Dat de volgende stap is dat de biggetjes al met kleine tralies om zich heen worden geboren. En dat de kalfjes hun oormerk al in hebben bij de bevalling, en uit zichzelf meteen weglopen bij hun moeder. Maar ik vrees dat de volgende stap eerder het bord voor onze kop is waar wij mee worden geboren.

Project

Dat ik het moment nog weet waarop mijn huis veranderde van iets waarin je leeft in een project.

Ik had nog maar een klein kamertje en het huishouden deed ik niet. Tenminste, ik deed wel boodschappen als ik honger had en ik haalde een doekje over de tafel als ik hem vies vond, maar het waren geen taken die moesten gebeuren, niet structureel. Totdat er een vriendin langskwam die vroeg waarom ik de vloerbedekking niet had gestofzuigd. Daar had ik nooit over nagedacht, er lagen wel dingetjes op maar aangezien ik er alleen maar op liep zag ik daar geen probleem in.

Sinds die dag kan ik nog wel weigeren te stofzuigen als er bezoek komt, maar voelt dat altijd als een statement. Sterker nog, inmiddels heb ik zelf ook vaak het gevoel dat ik dingen aan mijn huis moet doen, bezoek of niet. En loop ik altijd chronisch achter.

Het is ze dus gelukt, om mij mijn huis als een reeks taken te laten zien.

Geïnspireerd

Dat ik me heel geïnspireerd voelde en me daar vervolgens direct zorgen over maakte: Kan ik zo wel gaan slapen, is dat niet zonde? Moet ik dit niet snel inwisselen voor teksten? Als een coupon die je op tijd moet verzilveren, omdat hij anders verloopt.

Dat ik het altijd allemaal weer kapot weet te maken met mijn hoofd.

Regenwater

Dat het waterbakje van de katten binnen alleen leeg is als het lang niet heeft geregend. Anders drinken ze liever in de tuin, regenwater vinden ze lekkerder. Ik ga ervan uit dat honden daar hetzelfde in zijn, het zijn allebei huisdieren en ze zijn ongeveer even groot dus dat zal dan wel. Toen zag ik laatst dat de bak van onze honden alwéér leeg was en dacht ik heel even: wat dom dat ze niet ook gewoon buiten regenwater drinken met dit weer. Tot ik besefte dat zij helemaal niet zelf naar buiten kunnen.

Moderne dans

Dat het meisje dat ons moderne dans geeft zo jong is. Niet echt natuurlijk, ze zit niet meer op school of zo. Maar ze is wel jong en vrolijk en ook best onverschillig, alsof ze elke dag dansles geeft. Dat is waarschijnlijk ook zo. Ik merk wel dat als mensen echt jonger zijn dan ik dat ik dan vind dat ik hun naam niet hoef te onthouden.

Boeken

Er zijn nog zoveel boeken die ik zou moeten lezen. Er zijn nog mensen die ik zou moeten bellen, liedjes die ik zou moeten maken, schilderijen die ik op zou moeten hangen die van mezelf zijn, en slapen ook. Lang slapen.

Slechte kaarten

We zijn aan het klaverjassen, maar ik krijg steeds slechte kaarten. Daar word ik chagrijnig van. Vervolgens wil ik de anderen heel graag duidelijk maken hoe slecht mijn kaarten zijn, zodat ze snappen dat het niet aan mijn klaverjas-skills ligt dat ik verlies. Ik mopper en zucht en klaag wat af.

Vervolgens ben ik boos op mezelf omdat ik niet gezellig ben. Ik wéét dat dit niet echt erg is. Ik forceer een glimlach, ook al heb ik laatst gelezen dat het toch niet bewezen is dat je vanzelf vrolijker wordt als je eerst doet alsof.

Naarmate het potje vordert word ik steeds kwader, een klein beetje omdat ik bang ben dat ik met de beroerde kaarten toch betere keuzes had kunnen maken maar vooral omdat ik me zo laat kennen. Wanneer los ik mijn issues nou eens op? Ook daar beschuldig ik mezelf van, alsof mijn labiele neigingen niet de slechte kaarten zijn die ik heb gekregen, maar mijn eigen verkeerde keuzes met die kaarten: als ik klaveren acht had gegooid was het in elk geval geen roem geweest.