Coupédeur

Dat de man voor mij in de trein de coupédeur eerst dicht deed en er toen doorheen probeerde te lopen. Dat dat niet lukte. Dat ik mijn best deed om niet te lachen. Dat dat gelukkig wel lukte. Dat ik daarna ineens zag dat hij een gehoorapparaat had en toen heel even dacht: oh, vandaar. Dat ik besefte dat dat niet klopte en toen wel moest lachen.

Gezellig

Dat mijn vriend gezellig thuis is nu hij ziek is. Dat hij wel op de bank ligt en de tv daardoor niet aan kan. Dat de hond daardoor ook thuis is en dat gedoe is met de katten. En dat hij slaapt en dus niet echt reageert op al mijn verhalen.

Zelfreflectieformulier

Dat de examinator van het CBR vond dat ik mezelf te hoge cijfers had gegeven op het zelfreflectieformulier. Ik had mezelf bijvoorbeeld een 9 gegeven voor de stelling ‘Mogelijke gevaren herken ik op tijd’ en ‘Ik heb de auto onder controle’. Hij vond dat ik ruimte moest laten voor verbetering. Zelf vond ik dat ik vooral pas examen moest doen als ik het echt kon. Dat ik eigenlijk wilde zeggen dat hij dat ook zou moeten vinden, maar me toen toch heb ingehouden omdat ik dacht: straks word ik de eerste kandidaat die zakt omdat ze zelf vindt dat ze kan rijden.

Vitamine D

Dat ik goed voorbereid was toen ik naar Curaçao ging en daar ook zeker profijt van heb gehad. Maar dat ik het toch wat overdreven vond toen ik erachter kwam dat ik ook mijn vitamine D-pillen had meegenomen.

Beker

Dat mijn neefje het raar vond dat ik geen beker had gekregen terwijl ik toch echt een festival had gewonnen. Dat hij er toen een voor mij heeft getekend. Dat hij erbij zei: Je kunt hem thuis ook nog uitknippen als je wil.

Interviewvragen

Dat ik in mijn hoofd vaak interviewvragen oefen, bijvoorbeeld over vrouwen en humor. Dat ik dan eigenlijk wil zeggen dat ik die vraag niet wil beantwoorden. Dat ik niet al te arrogant wil overkomen, maar een beetje is misschien juist wel goed.

Dat ik ook vaak bedenk dat ik geen sorry wil gaan zeggen tegen de Down-vereniging over mijn gebruik van het woord ‘mongolen’ in mijn show.

Dat ik denk ik beter even kan gaan schrijven.

Niet daar

Dat mijn buurvrouw vindt dat haar hond niet aan de kont van mijn hond mag ruiken. Dat ze er elke keer wat van zegt, maar dat die hond het commando ‘niet daar’ blijkbaar niet kent. Dat ze het daardoor alleen maar ongemakkelijker maakt.

Overspannen

Dat het bij het in bad gaan ook ineens voelde alsof ik een to-do lijstje had. Ik dacht: ik moet mijn haar eerst helemaal wassen, inclusief crèmespoeling. En dan pas het badschuim erin maar dan moet ik wel zorgen dat mijn haar niet opnieuw in het water komt, want badschuim is niet goed voor je hoofdhuid. En ik moet mijn benen scheren en mijn knieën daarbij eens een keer niet vergeten.

Dat ik er al bijna geen zin meer in had. Dat ik het ook aanstellerig van mezelf vond om hier al tegenop te zien. Dat ik toen tegen mezelf zei: ja, zo ga je wel overspannen worden ja.